Welkom in Jampa’s Mandala

Status

Welkom in Jampa’s Mandala. Sarva Mangalam , moge alles voorspoedig voor je zijn !

Jampa’s Mandala is een onafhankelijk boeddhistisch blog voor iedereen die belangstelling

voor het boeddhisme heeft. Ik ben een beoefenaar in de Tibetaanse richting.

1bround

Reis met me mee langs de boeddhistische heilige plaatsen in India :

Op dit blog ( film en foto) klik op :

https://jampasmandala.wordpress.com/category/buddhayatra-2011/

De films van mijn boeddhistische pelgrimstocht. Klik op :

http://www.youtube.com/playlist?list=PL479146176BE1B2D3&feature=plcp

JAMPA’S MANDALA OP FACEBOOK  : https://www.facebook.com/jampasmandala

JAMPA’S MANDALA OP VIMEO           : https://vimeo.com/channels/jampasmandala

SHARE YOUR IDEAS : https://plus.google.com/u/0/communities/105219811092375220321

2142

Jampa's Mandala

De droom van een Ontwaakt India

Standaard

image

Het sociale boeddhisme van Ambedkar

Kees Moerbeek

In India leven op dit moment zo’n acht miljoen boeddhisten; velen daarvan zijn dalits (onaanraakbaren). Na het verdwijnen van het boeddhisme van het Indiase schiereiland tussen de tiende en dertiende eeuw herintroduceerde Ambedkar het boeddhisme in India. Zijn doel was om hierdoor het traditionele kastensysteem te beëindigen en het land om te vormen tot een ontwaakte samenleving. Daar is ‘Babasaheb’ te vroeg voor overleden, maar hij heeft dalits hun menselijkheid teruggegeven. Baba is een respectvolle term voor (groot)vaders en oudere mannen in het algemeen, nog respectvoller gemaakt door er ‘saheb’ (mijnheer) aan toe te voegen.

‘Vandaag de dag worden de Indiërs geregeerd door twee verschillende ideologieën. Hun politieke ideaal is vastgelegd in de preambule van de grondwet dat een leven verzekert van vrijheid, gelijkheid en broederschap. Hun sociale ideaal dat belichaamd wordt in hun geloof (het hindoeïsme red.) ontkent dit.’ Dit citaat is de dalit en neo-boeddhist dr. Bhimrao Ramji ‘Babasaheb’ Ambedkar (1891-1956) ten voeten uit.

‘Babasaheb’
Kastendiscriminatie is sinds de onafhankelijkheid van India in 1947 ongrondwettelijk. De regering is wettelijk verplicht een beleid van positieve discriminatie te voeren om de maatschappelijke achterstand van de dalits op te heffen. Ondanks de geboekte verbeteringen is weinig vooruitgang bereikt. De ‘onreine’ dalits, zoals onaanraakbaren zichzelf noemen, worden immers nog steeds buitengesloten, vernederd, mishandeld, verkracht en vermoord.

De (mede)auteur van de Indiase grondwet, dr. Bhimrao Ramji ‘Babasaheb’ Ambedkar, is de held van de Indiase dalits. Hij werd geboren in 1891 en behoorde tot de onaanraakbare Mahars. Zijn vader en grootvader waren militairen in Britse dienst, waardoor hij naar school mocht gaan. Hij was een van de eerste dalits met een universitaire opleiding. Door in woord en daad als jurist en politicus op te komen voor de rechten van onaanraakbaren verwierf Ambedkar grote faam. In 1930 organiseerde hij een processie naar de Kalaram Tempel, in Nashik (deelstaat Marahastra). Dit was om voor hindoe dalits toegang af te dwingen tot deze tempel. Toen de processie de tempelingang bereikte werd deze door de autoriteiten gesloten. Dit weerhield Ambedkar niet zijn strijd voor gelijkberechtiging voort te zetten, integendeel.

Massabekeringen

Al zijn hele leven heeft Babasaheb belangstelling gehad voor het boeddhisme. Hij raakte er steeds meer van overtuigd dat de discriminatie van de kasteloze dalits onlosmakelijk verbonden is met het hindoe kastensysteem. In de jaren vijftig van de vorige eeuw nam hij deel aan internationale boeddhistische congressen in Birma en Ceylon (Sri Lanka) en ontmoette de Sri Lankaanse monnik Hammalawa Saddhatissa Maha Thera. Na verschillende publicaties over gelijke rechten voor onaanraakbaren en de rol van het boeddhisme hierbij, bekeerde Ambedkar zich op 14 oktober 1956 tijdens een massaceremonie tot het boeddhisme. Zijn vrouw en hij ontvingen volgens de traditie van een boeddhistische monnik de Drie Geloftes en Vijf Voorschriften van een boeddhistische monnik. Vervolgens ging hij over tot de bekering van zijn 500.000 aanwezige aanhangers. Hij schreef de 22 geloftes voor, na de Drie Juwelen en Vijf Voorschriften. Drie dagen na het afronden van het manuscript van The Buddha and His Dhamma overleed hij, op 6 december 1956.

Sinds zijn dood hebben duizenden Indiase dalits zich bekeerd tot het Ambedkar(ite) Buddhism (Ambedkar boeddhisme). Hindoe critici omschrijven deze massale bekeringen als politieke stunts. Leiders van de dalit partij Bahujan Samaj Party (BSP) beklagen zich, omdat zij vanwege deze massabekeringen afgeschilderd te worden als anti-hindoe en anti-brahmaan. In sommige deelstaten zijn deze massabekeringen verboden, bijvoorbeeld in Gujarat waar de hindoe nationalistische Bharatiya Janata Party (BJP) het voor het zeggen heeft.

Conflicterende wereldbeelden

Mangesh Dahiwale wijdt in Rethinking Karma, the Dharma of Social Justice een hoofdstuk aan het werk van Ambedkar en het Ambedkar boeddhisme. De geschiedenis van India en van ‘kaste’ is niet anders dan het conflict tussen de wereldbeelden van brahmanen en boeddhisten. De brahmaanse (=Arische) invasie van India omstreeks 1500 voor Christus was het begin van dit conflict. De Ariërs hebben een stelsel van varna’s (varna = kleur) ingevoerd; de viervoudige indeling van de samenleving waaruit het latere kastenstelsel zou zijn ontstaan.

De verdeling van het kastensysteem in brahmanen, krshatriya’s, vaisya’s en shudra’s gaat terug tot de Rig-Veda, die geschreven zou zijn tussen 1700 en 1100 voor Christus. Het is de oudste van de vier canonieke, heilige hindoeteksten, die bekend staan als de Veda’s. Ze bevatten de door God aan de mensheid geopenbaarde eeuwige en universele kennis.

De historische Boeddha leefde in de zesde eeuw voor Christus in de Spiltijd (800 tot 200 v. Chr.) In zijn tijd bestond weliswaar een systeem van verschillende sociale klassen, maar geen star kastensysteem. Deze Spiltijd was een van de vruchtbaarste periodes uit de geschiedenis. Het was de tijd van onder andere Boeddha, Socrates, Confucius, de profeet Jeremia, Mencius en Euripides. Zij brachten grote veranderingen in de godsdienst en filosofie teweeg, die tot op heden de basis van de beschaving vormen. Zij leefden in verschillende delen van de wereld en hadden geen contact met elkaar, maar de grote overeenkomst is dat zij hun heil niet zochten in (theologische) leerstellingen. Zij predikten dat mensen hun egoïsme en hebzucht, hun gewelddadigheid en liefdeloosheid moesten laten varen voor een leven van mededogen. De Spiltijd was over zijn hoogtepunt heen toen dogma’s en verplichte leerstellingen de overhand kregen.

Tijdens het 140-jarige bestaan van het boeddhistische Mauryaanse rijk (ongeveer 321 tot 185 v. Chr.; een van de keizers was de beroemde Ashoka ) verloren de tot dan toe machtige brahmanen veel aanzien en macht. Zij hebben volgens Ambedkar met generaal Pushyamitra samengezworen om hun hegemonie te herstellen. Met de moord op keizer Brhadratha, Ashoka’s kleinzoon, greep Pushyamitra de macht en een bloedige vervolging van het boeddhisme begon. Hij was de eerste koning en stichter van de brahmaanse Shunga dynastie. Het was als een contrarevolutie tegen de omwenteling die de Boeddha teweeg bracht.

Na deze machtsovername werden gezaghebbende brahmaanse teksten geschreven om het boeddhisme te bestrijden. Deze sanctioneren de fundamentele sociale ongelijkheid van het hindoe kastesysteem. De meest gezaghebbende en omstreden bron is de Code van Manu (Manu Smṛti of Mānava-Dharmaśāstra). Volgens de overlevering is dit ‘wetboek’ geopenbaard door Brahma zelf. Het gaat in dit korte artikel te ver om Ambedkars beschrijving van het verdere verloop van het conflict te beschrijven.

Ambedkars Navayana

Om het boeddhisme aan de passen aan de moderne tijd had Ambedkar twee opdrachten: 1. het zuiveren van het boeddhisme van vreemde, met name brahmaanse invloeden, en 2.het bevrijden van zijn volk van geestelijke en sociale slavernij om een democratisch maatschappelijk systeem mogelijk te maken.

Om de Indiase kastesamenleving te veranderen is een sangha nodig, die niet per se monastiek is. De sangha die hij voor ogen had bestaat ook uit leken. Het fulltime bezig zijn met de dharma, zoals monniken doen heeft voordelen, maar ook nadelen. Het parttime bezig zijn met de dharma, zoals leken doen, heeft dat ook. Beide kunnen elkaar aanvullen en op het rechte pad houden. Een van de redenen dat het boeddhisme verdween uit India is juist het verval en verdwijnen van de monastieke sangha.

Dalit protest
David Brazier roept de vraag op wat de Boeddha beoogde na zijn verlichting. Brazier is van mening dat de Boeddha een ontwaakte samenleving tot stand wilde brengen. Dahiwale ziet hierin een overeenkomst met Ambedkars visie. Boeddha’s belangrijkste doel is het beëindigen van het lijden, maar Ambedkar herformuleert dit en verbreedt dit tot de hele samenleving. Kort gezegd: de Dharma beoogt iemand in een boeddha te veranderen en de wereld in een sangha. Zijn visie op boeddhisme noemt hij Navayāna (= nieuw voertuig), die toepasbaar is op alle samenlevingen. Omdat dr. Bhimrao Ramji ‘Babasaheb’ Ambedkar te vroeg overleed kon hij slechts het fundament leggen van deze sangha.

Erfenis

De Britse monnik Sangharakshita (Dennis Lingwood) heeft na Ambedkar’s overlijden meegeholpen leiding te geven aan diens neo-boeddhistische beweging in India en heeft zijn gedachtengoed verder uitgewerkt. Terug in het Verenigd Koninkrijk was hij mede-oprichter van de Friends of the Western Buddhist Order (FWBO) en de Indiase Trailokya Bauddha Mahasangha Sahayaka Gana (TBMSG). Nu heet TBMSG/FWBO Triratna Bouddha Mahasangha, een internationale neo-boeddhistische beweging met 60 centra op vijf werelddelen.

The Karuna Trust bijvoorbeeld, werkt sinds 1980 voor Indiase dalits door fondswerving voor sociaal werk en Dharma-projecten op het gebied van onder andere onderwijs, als ‘education hostels’ voor dalit kinderen in steden en vrouwenwerk, waaronder microkredieten, onderwijs en vrouwenrechten.

Een ander voorbeeld is het Jai Bhim Network in Hongarije. Sinds 2007 werkt dit network aan de maatschappelijke integratie van Roma door bijvoorbeeld onderwijs en runt meer dan zes scholen, zoals de dr Ámbédkar Gimnázium (dr. Ambedkar Highschool). Bij deze ontwikkelingsactiviteiten wordt gebruik gemaakt van de ervaringen met het werk voor Indiase dalits.  

Dalits: de verschoppelingen van India

Volgens de volkstelling van 2011 leven in India officieel 201,4 miljoen onaanraakbaren of kastelozen. Scheduled Castes and Tribes (SC’s) heten ze officieel, maar ze noemen zichzelf vaak dalit. Het Sanskriete ‘dal’ betekent gebroken, uitgesloten en onterecht.

Hun totale aantal wordt geschat op 300 miljoen op een bevolking van 1,2 miljard. Dit komt omdat moslims en christenen onder hen niet meegeteld zijn. Omdat ze niet geregistreerd zijn kunnen zij geen beroep doen op de wettelijke beschermingsmaatregelen. Meer dan driekwart van de SC’s woont op het platteland. Dalits leven ook in Bangladesh, Nepal, Pakistan en Bangladesh.

De Australische organisatie Walk Free, dat slavernij bestrijdt schat dat er wereldwijd 29,8 miljoen slaven zijn. Daarvan leeft bijna de helft, 13,9 miljoen, in India. Dit zijn Dalits en Advisi. De laatste zijn etnische en in stamverband wonende groepen, waarvan aangenomen wordt dat zij de oorspronkelijke bewoners van het Indiase continent zijn. In 2001 waren er ruim 84 miljoen Advisi. Zij behoren ook tot de ‘Scheduled Castes’.

Het kastensysteem was oorspronkelijk een beroepenhiërarchie, die voorkwam uit de arbeidsverdeling. Onder invloed van sommige brahmanen en sociaaleconomische ontwikkelingen degenereerde het systeem. Kenmerkend voor het traditionele hindoe kastensysteem is de fundamentele erfelijke ongelijkheid. Mensen worden ingedeeld in verschillende sociale groepen op basis van hun afkomst. Er zijn vier grote verschillende kasten, die onderverdeeld zijn in honderden subkasten met hun eigen rangorde en leefregels.

Omdat dalits buiten het traditionele kastenstelsel gesloten zijn, worden ze als ‘onrein’ gezien en behandeld. Zij zijn veroordeeld tot de minste baantjes, zoals het opruimen van dode mensen en dieren, het ontstoppen van riolen, het schoon maken van toiletten en het wassen van kleren, die zijn bevuild met bloed of uitwerpselen. Ze moeten buiten het dorp wonen en leden van andere kasten willen niets aanraken wat aangeraakt is door een dalit.

Aanranding, verkrachting en gedwongen tempelprostitutie van dalitvrouwen komen op het Indiase platteland geregeld voor; in de grote steden handel is in dalitvrouwen voor commerciële prostitutie in opkomst. Zij die hiervan aangifte willen doen worden vaak weggestuurd door politieambtenaren, die vrijwel altijd van een hogere kaste zijn.

Bronnen
22 Vows of Dr. Ambedkar
J. Watts (ed). Rethinking Karma, the Dharma of Social Justice. Chiang Mai (Thailand): Silkworm books, 2009.
Caste problem
Meet world’s Number 1 slaveholder: India
Website Karuna
Website Jai Bhim Network

200 monniken en nonnen in Nepal omgekomen

Standaard

image

Ten gevolge van de aardschokken in Nepal op 25 april en de dagen erna zijn ongeveer tweehonderd boeddhistische monniken en nonnen onder het puin van hun kloosters geraakt en omgekomen Meer dan duizend boeddhistische kloosters zijn ingestort of zijn niet meer bewoonbaar.

Nepal tempelAlleen al in het district Sindhupalchowk werden 215 kloosters met de grond gelijk gemaakt.  In Gorkha stortten meer dan honderd kloosters in en 105 in Dhading, zestig in Rasuwa en zestig in Solukhumbu.  Ook in de regio’s Nuwakot, Dolakha, Ramechhap, Okhaldhunga, Makwanpur, Lamjung en Syangja stortten de kloosters in. Waaronder de bekende als Seto Gumba in Ramkot; Rato Gumba in Sitapaila, beide gelegen in de rand van Kathmandu; Khumchey Gumba in Gorkha; Chrighyang Gumba in Dolakha en Chirite Gumba in Sindhulpalchok.

Bron BNN

Reddingsplan voor stoepa Swayambhunath tempel

Standaard

image

Een team van specialisten van de Unesco is bezig een reddingsplan op te stellen voor de stoepa van de Swayambhunath tempel in Kathmandu in Nepal. Het gebouw zelf staat nog overeind, maar het interieur is letterlijk een puinhoop. Het Unesco-team is begonnen met een “rescue mission” om te voorkomen dat artefacten uit dit Werelderfgoed worden gestolen. De verwoestende aardbeving  van vorige week zaterdag heeft niet alleen geleid tot het verlies van mensenlevens, het heeft ook verschillende unieke culturele complexen voor decennia beschadigd.

Het zeven leden tellende team is nu de schade aan het opnemen. Er wordt een lijst samengesteld van stenen- en terracotta objecten die als gevolg van de aardbeving zijn beschadigd. De objecten worden ondergebracht in een bewaakt pand in de buurt. Aan restauratie wordt nog niet gedacht, daar is geld voor nodig en eerst moeten de objecten veilig worden gesteld.

De Swayambhunath tempel in  Nepal wordt beschouwd als een van de oudste religieuze complexen in Nepal, en staat in hoog aanzien bij zowel boeddhisten als hindoes.  Hoewel de prachtige stoepa van de tempel intact is, slechts een kant van het gebouw is gedeeltelijk beschadigd, zijn de winkels, hutten en religieuze monumenten binnen het complex vernietigd. In de volksmond staat het complex, gelegen op een heuveltop, bekend als de ‘monkey tempel’, vanwege de vele apen rondom en op het tempelterrein. De apen zijn nog er nog steeds, en verplaatsen zich temidden van de vernietigde gebouwen.

Het team is van plan de plaatselijke gemeenschap en archeologen bij de wederopbouw te betrekken. Tijdens het herstellen van de artefacten, hebben deze conservatoren ongeveer duizend  keramische objecten ontdekt, die niet eerder bekend waren.

Lama Geshe Konchog Lhundup (1929-2012)

Standaard

Door Louwrien Weijers

21 februari 2012

Lama Geshe Konchog Lhundup, die in juli 1984 naar Nederland kwam, is in 2012 op 82-jarige leeftijd stil heengegaan in zijn Glorious Nagarjuna Dharma Center, Beethovenstraat 52 in Venray. Grote aantallen mensen hebben van zijn boeddhistische onderricht genoten. Als pionier heeft Geshe Konchog Lhundup het klooster Drepung Loseling in 1969 in India opnieuw helpen opbouwen. Als pionier heeft hij in Nederland van 1984 tot 1992 het Maitreya Instituut tot stand helpen komen. Van 1992 tot kortgeleden heeft hij als pionier in bezet Tibet zijn allereerste klooster volledig herbouwd en tot één van de belangrijkste kloosteruniversiteiten in het huidige bezette Tibet gemaakt. Tot de dag van zijn overlijden communiceerde Geshe Konchog Lhundup met zijn leerlingen in Nederland, India en Tibet, Zijn neef in India, ook monnik, belde hij opgewekt één dag voor zijn stille heengaan. Mij belde hij wellicht vlak voor het moment waarop hij zijn stille stervensproces begon. wpid3638-wpid-img_236735443117.jpeg Geshe Konchog Lhundhup werd in1929 in Tsakhalo in de Tibetaanse provincie Kham geboren. Als kleuter zei hij al, als hij een monnik zag: “Ik wil ook monnik worden. Ik wil ook zo’n pij aan.” Op een berghelling vlak boven zijn ouderlijk huis was een klooster. Daar liep hij als kind naartoe, ging bij de monniken in hun cel zitten en bleef in het klooster rondhangen. Zijn vader leerde hem lezen en schrijven. Toen hij twaalf jaar was, liep hij van huis weg en meldde zich tegen de zin van zijn vader aan als monnik in Kharda klooster met toen vijf honderd monniken. Na enige tijd gaf zijn vader hem toch toestemming de vijf belangrijkste geloften af te leggen en de novice wijding te ontvangen. Twintig jaar oud reisde Geshe Konchog Lhundup met een karavaan mee, een maand en twintig dagen, naar Lhasa om toe te treden tot de klooster universiteit Drepung Loseling. Hij is nooit terug geweest in zijn ouderlijk huis. In Drepung Loseling ontving hij de volledige monnikswijding en elf jaar bestudeerde hij de vijf belangrijkste teksten. Hij heeft zijn ouders niet gezien en de meesten van zijn vier broers en vier zussen ook niet. Want als je je eenmaal gaat verdiepen in de teksten, dan is het de gewoonte dat je niet meer naar huis terug gaat. “Toen jullie in 1959 onze hoofdstad Lhasa hebben bezet, ben ik voor jullie gevlucht,” zegt hij tegen de hem ondervragende Chinezen als hij voor het eerst terug in Tibet. Met 1,5 miljoen andere Tibetanen liep Geshe Konchog Lhundup naar India, de Dalai Lama achterna. In het vluchtelingenkamp voor Tibetaanse monniken, Buxaduar, in het noordoosten van India, bestudeerde hij nog elf jaar de soetra’s. Toen besloten was het Drepung Loseling klooster in Zuid-India opnieuw op te bouwen, werd hij met de eerste groep uit Buxaduar naar het oerwoud in Zuid-India gestuurd om op de wilde dieren die daar woonden de plek te veroveren waar hun klooster gebouwd kon worden. Alle woonvertrekken voor monniken, keukens, tempels en verzamelruimtes hebben ze met hun eigen handen moeten bouwen. Ook het voedsel verbouwien op het land deden ze zelf. Zijn studie ging onderwijl gewoon door en in 1976 behaalde hij zijn Geshe Lharampa titel, de hoogste graad die een Tibetaans boeddhistische monnik kan halen. Na zijn ‘Geshe-diploma kreeg Geshe Konchog Lhundup een brief van Zijne Heiligheid de Dalai Lama, dat hij zo snel mogelijk naar het tantrische Gyüto klooster in Arunachal Pradesh, Noordoost-India, moest gaan. Daar heeft hij drie jaar alle tantrische rituelen en meditaties geleerd. De abt van het Gyüto klooster vertelde hem toen hij klaar was dat de Dalai Lama hem vezocht zich gereed te maken voor vertrek naar het buitenland. Om zich voor te bereiden op zijn uitzending heeft Geshe Konchog Lhundup nog twee jaar gewerkt in het Kopan klooster van Lama Thubten Yeshe en Lama Thubten Zopa Rinpoche, grondleggers in 1979 van het Maitreya Instituut. Geshe Konchog Lhundup kende Lama Thubten Yeshe uit Lhasa. Beiden zaten elf jaar in het Buxaduar vluchtelingenkamp voor monikken. Eind december 1982 gaf Lama Thubten Yeshe in Italië een fotootje van Geshe Konchog Lhundup aan een groep Maitreya Instituut bestuurders, -bewoners en –studenten. Hij zou hun eerste vaste leraar worden. Eind juni 1984 kwam Geshe Konchog Lhundup in Nederland aan, in het Maitreya Instituut in Maasbommel. Florens van Canstein schrijft: “Ik kan me de dag herinneren dat Geshe-la aankwam. Ik woonde toen in het Maitreya Instituut in Maasbommel. Hij werd om ongeveer 4 uur wakker en begon enthousiast zijn beoefening te doen. Dat ging met nogal wat geluid gepaard zodat andere huisgenoten die een wat vriendelijker regime gewend waren, wakker werden. Dat is hem toen uitgelegd.” In 1987 verhuisde het Maitreya Insituut van Maasbommel naar een voormalige jeugdherberg bij Emst. In de handen van Geshe Konchog Lhundup veranderde het bosgebied in een plek met enorme uitstraling en aantrekkingskracht. In 1992 ging Geshe Konchog Lhundup met pensioen en vestigde zich Venray. In Tibet behoorde Geshe Konchog Lhundup tot een regentenfamilie. Zijn oudste broer, de eerste zoon, had een hoge positie en zijn ouders wilden dat hij zijn oudste broer ging helpen. Dat hield onder andere in het toezicht houden op de verkoop en aankoop van oogsten en grond, en toezien op het bewerken van de landerijen. In het Kharda klooster, waar hij zich al jong thuis voelde, was een familielid met de naam Pagon Lama abt, De overgrootvader van Geshe Konchog Lhundupdie financier van het Kharda klooster. Toen Geshe Konchog Lhundup na 34 jaar voor het eerst terugkwam in zijn geboorteplaats, was hij verbaasd dat hij de meeste mensen niet meer herkende. De mensen hadden onder het schrikbewind van de Chinezen zo geleden dat ze onherkenbaar waren. De beste families werden het slechtst behandeld. Zijn oudste broer heeft sedert de Chinese bezetting met niemand mogen praten en hij mag nooit met andere mensen gezien worden. Alle kloosters in de verre omtrek waren verdwenen. Van de vijfhonderd monniken van Kharda klooster waren er nog vijftien in leven, maar ze mochten niet samenkomen. De abt Pagon Lama was vermoord en de meeste monniken ook. Mensen uit de buurt hebben veel gouden Boeddha beelden kunnen redden voordat kloosters door de Chinezen met de grond gelijk gemaakt werd. In alle dorpen waar Geshe Konchog Lhundup kwam, lieten mensen hem de schatten zien die ze gered hadden. Ze boden hem de beelden aan en vroegen hem een nieuw klooster te stichten. Het nieuwe Khardha klooster staat er in Tsakhalo, in volle glorie, indrukwekken mooi, met een enorme bibliotheek. De pionier met Nederlands paspoort kreeg echter na 2007 nooit meer een inreis visum voor China. Elke aanvraag mislukte. Wrang maar waar. zijn laatste visum werd eind september 2011 één werkdag voor vertrek bij nader inzien toch weer niet verstrekt door de Chinese Ambassade in Den Haag. De heimwee naat Tibet groeide. Drie koffers stonden al maanden klaar. Lama Geshe Konchog Lhundup, pionier in alle omstandigheden, vertrok.

De Acht Verzen voor de Training van de Geest door Geshe Langri Tangpa

Standaard

Door Geshe Langri Tangpa

1e Licht Omdat ik de hoogste realisaties wil bereiken , veel beter dan een wensvervullend juweel , dien ik alle andere wezens te koesteren.

2e Licht Wanneer ik omga met andere mensen , dien ik mijzelf en mijn wensen als onbelangrijk te beschouwen , en met een goed hart dien ik anderen te koesteren.

3e Licht  Mij bewust van al mijn handelingen van lichaam , spraak en geest , moge ik op het moment dat een begoocheling opkomt die mijzelf en anderen tot niet-vaardig handelen aanzet , het onder ogen zien en verhinderen te groeien.

4e Licht  Als ik ongeduldige mensen vol van kwade en donkere , geweldige emoties zie , moge ik hen dan beschouwen als kostbare schatten.

5e Licht  Zelfs als iemand waar ik bijzondere zorg voor had en die ik helemaal vertrouwde , zich tegen mij keert , moge ik hem dan als mijn speciale leraar zien.

6e Licht  Wanneer anderen vol van jaloezie , of andere begoochelingen , mij veel moeilijkheden bezorgen , moge ik de nederlaag op mij zelf nemen en hen de overwinning schenken.

7e Licht Moge ik als besluit , in het openbaar en in het geheim , hulp en geluk aan alle levende wezens schenken en al hun pijn en lijden op mij nemen.

8e Licht Moge ik vrij van verstoring , door de acht onevenwichtige gevoelens en alle dingen als illusie ziende , bevrijd worden van de gevangenis van negatieve gedachten.

De acht onevenwichtige gevoelens

1-gelukkig voelen als het leven goed voor je gaat
2-ongelukkig voelen als het leven tegen je schijnt te zijn
3-gelukkig voelen als we rijk zijn
4-ongelukkig voelen als we arm zijn
5-gelukkig voelen als we beroemd en belangrijk zijn
6-ongelukkig voelen als we onbekend en onopgemerkt zijn 
7
-gelukkig voelen als anderen ons prijzen en bewonderen
8-ongelukkig voelen als anderen ons kritiseren en ons beschuldigen

http://www.rigpawiki.org/index.php?title=Geshe_Langri_Tangpa

The Four Seals

Standaard

BY DZONGSAR KHYENTSE RINPOCHE
image”Buddhism is distinguished by four characteristics, or ‘seals.’ If all these four seals are found in a path or a philosophy, it can be considered the path of the Buddha.”

People often ask me: “What is Buddhism in a nutshell?” Or they ask, “What is the particular view or philosophy of Buddhism?”

Unfortunately, in the West Buddhism seems to have landed in the religious department, even in the self-help or self-improvement department, and clearly it’s in the trendy meditation department. I would like to challenge the popular definition of Buddhist meditation.

Many people think meditation has something to do with relaxation, with watching the sunset or watching the waves at the beach. Charming phrases like “letting go” and “being carefree” come to mind. From a Buddhist point of view, meditation is slightly more than that.

First, I think we need to talk about the real context of Buddhist meditation. This is referred to as the view, meditation and action; taken together, these constitute quite a skillful way of understanding the path. Even though we may not use such expressions in everyday life, if we think about it, we always act according to a certain view, meditation and action. For instance, if we want to buy a car, we choose the one we think is the best, most reliable and so on. So the “view,” in this case, is the idea or belief that we have, that is, that the car is a good one. Then the “meditation” is contemplating and getting used to the idea, and the “action” is actually buying the car, driving it and using it. This process is not necessarily something Buddhist; it’s something we’re doing all the time. You don’t have to call it view, meditation and action. You can think of it as “idea,” “getting used to,” and “obtaining.”

So what is the particular view that Buddhists try to get used to? Buddhism is distinguished by four characteristics, or “seals.” Actually, if all these four seals are found in a path or a philosophy, it doesn’t matter whether you call it Buddhist or not. You can call it what you like; the words “Buddhist” or “Buddhism” are not important. The point is that if this path contains these four seals, it can be considered the path of the Buddha.

Therefore, these four characteristics are called “the Four Seals of Dharma.” They are:

All compounded things are impermanent.

All emotions are painful. This is something that only Buddhists would talk about. Many religions worship things like love with celebration and songs. Buddhists think, “This is all suffering.”

All phenomena are empty; they are without inherent existence. This is actually the ultimate view of Buddhism; the other three are grounded on this third seal.

The fourth seal is that nirvana is beyond extremes.

Without these four seals, the Buddhist path would become theistic, religious dogma, and its whole purpose would be lost. On the other hand, you could have a surfer giving you teachings on how to sit on a beach watching a sunset: if what he says contains all these four seals, it would be Buddhism. The Tibetans, the Chinese, or the Japanese might not like it, but teaching doesn’t have to be in a “traditional” form. The four seals are quite interrelated, as you will see.1lotus02

The First Seal: All Compounded Things are Impermanent

Every phenomenon we can think of is compounded, and therefore subject to impermanence. Certain aspects of impermanence, like the changing of the weather, we can accept easily, but there are equally obvious things that we don’t accept.

For instance, our body is visibly impermanent and getting older every day, and yet this is something we don’t want to accept. Certain popular magazines that cater to youth and beauty exploit this attitude. In terms of view, meditation and action, their readers might have a view—thinking in terms of not aging or escaping the aging process somehow. They contemplate this view of permanence, and their consequent action is to go to fitness centers and undergo plastic surgery and all sorts of other hassles.

Enlightened beings would think that this is ridiculous and based on a wrong view. Regarding these different aspects of impermanence, getting old and dying, the changing of the weather, etc., Buddhists have a single statement, namely this first seal: phenomena are impermanent because they are compounded. Anything that is assembled will, sooner or later, come apart.

When we say “compounded,” that includes the dimensions of space and time. Time is compounded and therefore impermanent: without the past and future, there is no such thing as the present. If the present moment were permanent, there would be no future, since the present would always be there. Every act you do—let’s say, plant a flower or sing a song—has a beginning, a middle and an end. If, in the singing of a song, the beginning, middle or end were missing, there would be no such thing as singing a song, would there? That means that singing a song is something compounded.

“So what?” we ask. “Why should we bother about that? What’s the big deal? It has a beginning, middle, and end—so what?” It’s not that Buddhists are really worried about beginnings, middles or ends; that’s not the problem. The problem is that when there is composition and impermanence, as there is with temporal and material things, there is uncertainty and pain.

Some people think that Buddhists are pessimistic, always talking about death, impermanence and aging. But that is not necessarily true. Impermanence is a relief! I don’t have a BMW today and it is thanks to the impermanence of that fact that I might have one tomorrow. Without impermanence, I am stuck with the non-possession of a BMW, and I can never have one. I might feel severely depressed today and, thanks to impermanence, I might feel great tomorrow. Impermanence is not necessarily bad news; it depends on the way you understand it. Even if today your BMW gets scratched by a vandal, or your best friend lets you down, if you have a view of impermanence, you won’t be so worried.

Delusion arises when we don’t acknowledge that all compounded things are impermanent. But when we realize this truth, deep down and not just intellectually, that’s what we call liberation: release from this one-pointed, narrow-minded belief in permanence. Everything, whether you like it or not—even the path, the precious Buddhist path—is compounded. It has a beginning, it has a middle and it has an end.

When you understand that “all compounded things are impermanent,” you are prepared to accept the experience of loss. Since everything is impermanent, this is to be expected.1lotus02

The Second Seal: All Emotions are Painful

The Tibetan word for emotion in this context is zagche, which means “contaminated” or “stained,” in the sense of being permeated by confusion or duality.

Certain emotions, such as aggression or jealousy, we naturally regard as pain. But what about love and affection, kindness and devotion, those nice, light and lovely emotions? We don’t think of them as painful; nevertheless, they imply duality, and this means that, in the end, they are a source of pain.

The dualistic mind includes almost every thought we have. Why is this painful? Because it is mistaken. Every dualistic mind is a mistaken mind, a mind that doesn’t understand the nature of things. So how are we to understand duality? It is subject and object: ourselves on the one hand and our experience on the other. This kind of dualistic perception is mistaken, as we can see in the case of different persons perceiving the same object in different ways. A man might think a certain woman is beautiful and that is his truth. But if that were some kind of absolute, independent kind of truth, then everyone else also would have to see her as beautiful as well. Clearly, this is not a truth that is independent of everything else. It is dependent on your mind; it is your own projection.

The dualistic mind creates a lot of expectations—a lot of hope, a lot of fear. Whenever there is a dualistic mind, there is hope and fear. Hope is perfect, systematized pain. We tend to think that hope is not painful, but actually it’s a big pain. As for the pain of fear, that’s not something we need to explain.

The Buddha said, “Understand suffering.” That is the first Noble Truth. Many of us mistake pain for pleasure—the pleasure we now have is actually the very cause of the pain that we are going to get sooner or later. Another Buddhist way of explaining this is to say that when a big pain becomes smaller, we call it pleasure. That’s what we call happiness.

Moreover, emotion does not have some kind of inherently real existence. When thirsty people see a mirage of water, they have a feeling of relief: “Great, there’s some water!” But as they get closer, the mirage disappears. That is an important aspect of emotion: emotion is something that does not have an independent existence.

This is why Buddhists conclude that all emotions are painful. It is because they are impermanent and dualistic that they are uncertain and always accompanied by hopes and fears. But ultimately, they don’t have, and never have had, an inherently existent nature, so, in a way, they are not worth much. Everything we create through our emotions is, in the end, completely futile and painful. This is why Buddhists do shamatha and vipashyana meditation—this helps to loosen the grip that our emotions have on us, and the obsessions we have because of them.

Question: Is compassion an emotion?

People like us have dualistic compassion, whereas the Buddha’s compassion does not involve subject and object. From a buddha’s point of view, compassion could never involve subject and object. This is what is called mahakaruna—great compassion.

I’m having difficulty accepting that all emotions are pain.

Okay, if you want a more philosophical expression, you can drop the word “emotion” and simply say, “All that is dualistic is pain.” But I like using the word “emotion” because it provokes us.

Isn’t pain impermanent?

Yeah! If you know this, then you’re all right. It’s because we don’t know this that we go through a lot of hassles trying to solve our problems. And that is the second biggest problem we have—trying to solve our problems.1lotus02

The Third Seal: All Phenomena are Empty; They Are Without Inherent Existence

When we say “all,” that means everything, including the Buddha, enlightenment, and the path. Buddhists define a phenomenon as something with characteristics, and as an object that is conceived by a subject. To hold that an object is something external is ignorance, and it is this that prevents us from seeing the truth of that object.

The truth of a phenomenon is called shunyata, emptiness, which implies that the phenomenon does not possess a truly existent essence or nature. When a deluded person or subject sees something, the object seen is interpreted as something really existent. However, as you can see, the existence imputed by the subject is a mistaken assumption. Such an assumption is based on the different conditions that make an object appear to be true; this, however, is not how the object really is. It’s like when we see a mirage: there is no truly existing object there, even though it appears that way. With emptiness, the Buddha meant that things do not truly exist as we mistakenly believe they do, and that they are really empty of that falsely imputed existence.

It is because they believe in what are really just confused projections that sentient beings suffer. It was as a remedy for this that the Buddha taught the Dharma. Put very simply, when we talk about emptiness, we mean that the way things appear is not the way they actually are. As I said before when speaking about emotions, you may see a mirage and think it is something real, but when you get close, the mirage disappears, however real it may have seemed to begin with.

Emptiness can sometimes be referred to as dharmakaya, and in a different context we could say that the dharmakaya is permanent, never changing, all pervasive, and use all sorts of beautiful, poetic words. These are the mystical expressions that belong to the path, but for the moment, we are still at the ground stage, trying to get an intellectual understanding. On the path, we might portray Buddha Vajradhara as a symbol of dharmakaya, or emptiness, but from an academic point of view, even to think of painting the dharmakaya is a mistake.

The Buddha taught three different approaches on three separate occasions. These are known as The Three Turnings of the Wheel, but they can be summed up in a single phrase: “Mind; there is no mind; mind is luminosity.”

The first, “Mind,” refers to the first set of teachings and shows that the Buddha taught that there is a “mind.” This was to dispel the nihilistic view that there is no heaven, no hell, no cause and effect. Then, when the Buddha said, “There is no mind,” he meant that mind is just a concept and that there is no such thing as a truly existing mind. Finally, when he said, “Mind is luminous,” he was referring to buddhanature, the undeluded or primordially existing wisdom.

The great commentator Nagarjuna said that the purpose of the first turning was to get rid of non-virtue. Where does the non-virtue come from? It comes from being either eternalist or nihilist. So in order to put an end to non-virtuous deeds and thoughts, the Buddha gave his first teaching. The second turning of the Dharma-wheel, when the Buddha spoke about emptiness, was presented in order to dispel clinging to a “truly existent self” and to “truly existent phenomena.” Finally, the teachings of the third turning were given to dispel all views, even the view of no-self. The Buddha’s three sets of teaching do not seek to introduce something new; their purpose is simply to clear away confusion.

As Buddhists we practice compassion, but if we lack an understanding of this third seal—that all phenomena are empty—our compassion can backfire. If you are attached to the goal of compassion when trying to solve a problem, you might not notice that your idea of the solution is entirely based on your own personal interpretation. And you might end up as a victim of hope and fear, and consequently of disappointment. You start by becoming a “good mahayana practitioner,” and, once or twice, you try to help sentient beings. But if you have no understanding of this third seal, you’ll get tired and give up helping sentient beings.

There is another kind of a problem that arises from not understanding emptiness. It occurs with rather superficial and even jaded Buddhists. Somehow, within Buddhist circles, if you don’t accept emptiness, you are not cool. So we pretend that we appreciate emptiness and pretend to meditate on it. But if we don’t understand it properly, a bad side effect can occur. We might say, “Oh, everything’s emptiness. I can do whatever I like.” So we ignore and violate the details of karma, the responsibility for our action. We become “inelegant,” and we discourage others in the bargain. His Holiness the Dalai Lama often speaks of this downfall of not understanding emptiness. A correct understanding of emptiness leads us to see how things are related, and how we are responsible for our world.

You can read millions of pages on this subject. Nagarjuna alone wrote five different commentaries mostly dedicated to this, and then there are the commentaries by his followers. There are endless teachings on establishing this view. In Mahayana temples or monasteries people chant the Prajnaparamita Heart Sutra—this is also a teaching on the third seal.

Philosophies or religions might say, “Things are illusion, the world is maya, illusion,” but there are always one or two items left behind that are regarded as truly existent: God, cosmic energy, whatever. In Buddhism, this is not the case. Everything in samsara and nirvana—from the Buddha’s head to a piece of bread—everything is emptiness. There is nothing that is not included in ultimate truth.

Question: If we ourselves are dualistic, can we ever understand emptiness, which is something beyond description?

Buddhists are very slippery. You’re right. You can never talk about absolute emptiness, but you can talk about an “image” of emptiness—something that you can evaluate and contemplate so that, in the end, you can get to the real emptiness. You may say, “Ah, that’s just too easy; that’s such crap.” But to that the Buddhists say, “Too bad, that’s how things work.” If you need to meet someone whom you have never met, I can describe him to you or show you a photograph of him. And with the help of that photo image, you can go and find the real person.

Ultimately speaking, the path is irrational, but relatively speaking, it’s very rational because it uses the relative conventions of our world. When I’m talking about emptiness, everything that I’m saying has to do with this “image” emptiness. I can’t show you real emptiness but I can tell you why things don’t exist inherently.

In Buddhism there’s so much iconography that you might think it was the object of meditation or an object of worship. But, from your teaching, am I to understand that this is all non-existent?

When you go to a temple, you will see many beautiful statues, colors and symbols. These are important for the path. These all belong to what we call “image-wisdom,” “image-emptiness.” However, while we follow the path and apply its methods, it is important to know that the path itself is ultimately an illusion. Actually, it is only then that we can properly appreciate it.1lotus02

The Fourth Seal: Nirvana is Beyond Extremes

Now that I have explained emptiness, I feel that the fourth seal, “Nirvana is beyond extremes,” has also been covered. But briefly, this last seal is also something uniquely Buddhist. In many philosophies or religions, the final goal is something that you can hold on to and keep. The final goal is the only thing that truly exists. But nirvana is not fabricated, so it is not something to be held on to. It is referred to as “beyond extremes.”

We somehow think that we can go somewhere where we’ll have a better sofa seat, a better shower system, a better sewer system, a nirvana where you don’t even have to have a remote control, where everything is there the moment you think of it. But as I said earlier, it’s not that we are adding something new that was not there before. Nirvana is achieved when you remove everything that was artificial and obscuring.

It doesn’t matter whether you are a monk or a nun who has renounced worldly life or you are a yogi practicing profound tantric methods. If, when you try to abandon or transform attachment to your own experiences, you don’t understand these four seals, you end up regarding the contents of your mind as the manifestations of something evil, diabolical and bad. If that’s what you do, you are far from the truth. And the whole point of Buddhism is to make you understand the truth. If there were some true permanence in compounded phenomena; if there were true pleasure in the emotions, the Buddha would have been the first to recommend them, saying, “Please keep and treasure these.” But thanks to his great compassion, he didn’t, for he wanted us to have what is true, what is real.

When you have a clear understanding of these four seals as the ground of your practice, you will feel comfortable no matter what happens to you. As long as you have these four as your view, nothing can go wrong. Whoever holds these four, in their heart, or in their head, and contemplates them, is a Buddhist. There is no need for such a person even to be called a Buddhist. He or she is by definition a follower of the Buddha.

This article is based on a talk entitled, “What Buddhism Is, and Is Not,” given in Sydney, Australia in April of 1999.

Retraite met Sogyal Rinpoche

Chat

image
Beste belangstellende,

Binnenkort komt Sogyal Rinpoche naar Nederland komt om een vierdaagse retraite te leiden. Het is alweer drie jaar geleden dat Rinpoche voor het laatst voor een vierdaags evenement naar Nederland kwam. Je weet nooit wanneer zich weer zo’n unieke gelegenheid voordoet, dus graag informeren we je over deze inspirerende gebeurtenis.

De retraite vindt plaats van 2 t/m 5 mei in conferentieoord Amstelborgh, Amsterdam. Voor aanmelden en meer informatie: www.rigpa.nl/retraite. Let op! Als je boekt vóór 31 maart profiteer je nog van de vroegboekkorting.

Tijdens deze retraite ontdek je hoe de 2500 jaar oude wijsheid uit de tijd van de Boeddha, heel actueel en toepasbaar is in je dagelijkse leven. Je leert hoe je kuntwerken met je geest zodat je minder stress en meer geluk ervaart. Ook leer je hoe je o.a. met behulp van meditatie, je aangeboren menselijke kwaliteiten, zoals wijsheid en mededogen, tot bloei kan laten komen. 
 
Tijd en geld zijn tegenwoordig voor veel mensen een schaars goed. Toch denken wij dat een vierdaagse retraite met Sogyal Rinpoche een goede investering is in jezelf en je omgeving. Een retraite van vier dagen geeft je de kans om het onderricht van Sogyal Rinpoche op een diepgaande manier te ervaren en toe te passen. Gedurende deze vier dagen krijg je een compleet, diepgaand programma aangeboden met authentiek onderricht, meditatie en contemplatie. Heb je tijd nodig voor bezinning? Gun jezelf dan deze unieke kans om vier dagen in retraitesfeer door te brengen!
 
Sogyal Rinpoche is de auteur van het baanbrekende boek ‘Het Tibetaanse boek van leven en sterven’. Het boek staat in de top 100 van bol.com. In De Wereld Draait Door van 6 januari adviseerde Duncan Stutterheim (CEO van SFX Europe) aan Mark Zuckerberg (CEO van Facebook) om ‘Het Tibetaanse boek van leven en sterven’ te lezen.
 
Gun je een ander ook de unieke ervaring van een vierdaagse retraite met Sogyal Rinpoche? Stuur deze email dan alsjeblieft door naar familieleden, vrienden, collega’s en bekenden of gebruik één van onderstaande knoppen.
 
Hartelijk dank en graag tot ziens in mei!

Met vriendelijke groet,
Het Eventteam van Rigpa Nederland

Ontwaken

Standaard

buddha

Onderstaand onderricht is gebaseerd op de uitleg door Lama Anagarika Govinda.Het is werkelijk de essentie van de boeddhistische dharma en daarom zeer kostbaar.

Prins Siddhartha ontwaakte onder de bodhi-boom in Bodhgaya en werd de Boeddha, de Ontwaakte.

Het verhaal is al vele malen verteld , maar wat gebeurde er toen eigenlijk ?

De sleutel tot het begrijpen van het inzicht van de Boeddha ligt in het zien van de keten van afhankelijk ontstaan (pratityasamutpada) en onwetendheid (avidya).

Als derde zag hij om zich heen schouwend het levensverlangen (tanha).

Wat is dan onwetendheid ? Het is het eenvoudigweg ontkennen van de onderlinge verbondenheid , waarin niets geïsoleerd en zonder met het geheel verbonden te zijn kan bestaan.

Onwetendheid zag Hij als de achtergrond voor de onbewust vormende krachten (samskara).In de gewone waaktoestand leiden deze krachten tot het onderscheid( !) dat de wereld verdeelt volgens een dualistische zienswijze van het zelf en niet-zelf,ik en jij , binnen en buiten , mijn en dijn , subject en object.

Het bewustzijn wordt in tweeën gedeeld , ons oorspronkelijk gewaarzijn gaat verloren en we worden ons bewust van onze geestelijk – lichamelijke totaliteit (nama-rupa).

Via de zes zintuiglijke vermogens ( sadayatana) maken we contact (sparsa) met de respectievelijke objecten van de zintuiglijke waarneming waarbij gevoelens (vedana) rijpen tot waarneming en sensaties die op hun beurt weer als plezierig of onplezierig ervaren worden of geen van beiden of beiden.

Boeddha zag dat onaangename gevoelens ons motiveren om alles te vermijden dat er toe zou kunnen leiden dat we die gevoelens weer ondergaan. Aangename gevoelens leiden echter tot het verlangen ze opnieuw te ervaren , zodat er een drang, een dorst (trishna) ontstaat die ons influistert datgene wat ons plezier verschaft te behouden en tot ons bezit te maken (upana).

Deze wens te bezitten en te behouden , deze begeerte , leidt ons keer op keer het domein van het worden (bhava) en veranderen binnen dus het domein van geboorte (jati) en daarom ook het domein van het oud worden en sterven (jara-marana).

Boeddha zag dat alleen door gebruik te maken van het bewustzijn (vijnana) het constante wordingsproces een wending gegeven kan worden .

Want ons bewustzijn is niet gebonden aan het ononderbroken proces van het gewaarworden van onszelf in tegenstelling tot de wereld , maar is ook in staat holistisch te ervaren.

Uit het bewustzijn van onze onafscheidelijke verwantschap binnen het universum en daarom van onze essentiële verbondenheid met alle bewuste wezens ontstonden , als uit zuivere lotusbloemen:

de Vier Onmetelijke Gedachten

Citeer ze dagelijks

MAITRI het allesdoordringend bewustzijn van liefde

Mogen alle wezens geluk vinden en de oorzaken van geluk

KARUNI het allesdoordringend bewustzijn van mededogen

Mogen alle wezens vrij zijn van lijden en de oorzaken van lijden

MUDITA het allesdoordringend bewustzijn van vreugde

Mogen alle wezens nooit gescheiden zijn van het grote geluk dat voorbij het lijden is

UPEKSHA het allesdoordringend bewustzijn van gelijkmoedigheid

Mogen alle wezens verkeren in gelijkmoedigheid zonder gehechtheid aan naasten en afkeer van vreemden

Upeksha of gelijkmoedigheid komt tot stand door de realisatie van de eerste drie en is het geestelijk evenwicht (tatramajjhattata) dat in de mens tot ontwikkeling komt door liefde, mededogen en vreugde en dat ieder mens in staat stelt alle mensen ( en dieren!) zonder onderscheid of begrenzingen in het hart te sluiten.